Oude hoeves en de boerengemeenschap in de Kattebroeken van toen
- Peter Crombecq

- 20 uur geleden
- 13 minuten om te lezen

Dwalend door Edegem kom je soms op wegen die eruitzien alsof ze meer dan 200 jaar oud zijn. Veel te smal voor deze tijd. Dat gevoel krijg je als je bijvoorbeeld de Terelststraat ingaat, het stukje dat in het gebied Kattenbroeken ligt. Of de Heihoefseweg. Een relikwie van het oude Edegem; het Edegem van minstens 200 jaar geleden.
Kattenbroeken
Iedereen in Edegem kent de Terelststraat, vertrekkend aan de Strijdersstraat, wat kronkelend naar de Prins Boudewijnlaan. Maar over de Prins Boudewijnlaan loopt de Terelststraat gewoon verder, veel smaller, meer lijkend op wat het honderden jaren geleden was. Ze loopt daar naar een deel van Edegem dat men al in 1423[i] Kattenbroeken noemde. De Terelststraat was dan ook eeuwenlang de weg van het dorp naar het gehucht Kattenbroeken. Hoe komt het gehucht aan de naam Kattenbroeken?
In de Geschiedenis van Edegem lezen we:
Een andere vorm van gemeenschapsgrond, de broeken, schijnt Edegem wél
gekend te hebben. Die ontwaterde moerasgronden en voor gemeenschappelijke, “costuymelyc” geregelde beweiding en hooiwinning beschikbare percelen bevonden zich uiteraard bij de beken, op de grenzen van het dorp. Grotere broeken zijn het Reebroek en de Kattenbroeken geweest, beide op de grens van Kontich gelegen[ii].

Een vaststelling is dat de grenzen van het gebied Kattenbroeken niet erg duidelijk afgebakend zijn en in de loop van de tijd nogal eens verschillen. In 1870 is Katten Broeken begrensd door de toenmalige Heihoefseweg, het einde van de Terelststraat, de Edegemse Beek (grens met Kontich) en de Aartselaarsstraat. Prof. dr. Robert van Passen, historicus, toponymist en taalkundige, wierp zich met hulp van Linda De Keuster op de toponymie van Edegem[iii] en legde van elk perceel de historische naam vast. Voor Kattenbroeken is het vrij duidelijk; het zijn de percelen aan het einde van de Terelststraat, rond de twee hoeves die zich daar bevonden.

In die periode waren er drie wegen die van het dorp naar of door Kattenbroek liepen: de Terelststraat (Chemin 8) en twee zandwegen: de Heihoefschen Kerkweg (Sentier 14) en de Kattenbroekschen Kerkweg[iv](Sentier 15). De Heihoefschen Kerkweg liep verder naar Heihoeve via de Aartselaarsestraat in het gehucht de Edegemse Hoek.



De Kattenbroekschen Kerkweg (Sentier 15) vertrok vanuit het erf van twee hoeves en was voor die boerenfamilies de kortste weg naar de Sint-Antoniuskerk (en dus ook naar het dorp en de school)[v]. Die zandweg liep langs perceellijnen en kwam uiteindelijk uit in de Terelststraat, vandaag ter hoogte van de Oude Terelststraat 54. Later werd de Kattenbroekschen Kerkweg nog onderbroken door de Prins Boudewijnlaan. Ze kwam achter de huizen met nummer 257 tot 275 uit en dat stuk van de Kattenbroekschen Kerkweg ligt er vandaag nog altijd.
Na de aanleg van de E19-autostrade zou je grofweg kunnen zeggen dat Kattenbroeken het gebied tussen de Prins Boudewijnlaan, de Willem Kerricxstraat/Heihoefseweg, de E19-autostrade en de Edegemse Beek is.
Het minder bekende deel van de Terelststraat

Het eerste wat je tegenkomt in de Terelststraat over de Prins Boudewijnlaan is een spoor van het boerderijverleden: 10 huisjes, netjes naast elkaar, een beetje apart. Een overblijfsel van een boerderij die er ooit stond. De boerderij behoorde nagenoeg de hele 19de eeuw toe aan de familie Van Raebroeckx en hun afstammelingen. Gummarus Coeckx, weduwnaar van Maria Catharina Van Raebroeckx, zal de boerderij met het aangebouwde bakhuis en de tuin in 1909 verkopen aan twee echtparen die elk voor de helft eigenaar werden. Zij braken in 1909 alles af en bouwden er 11 huizen op.

Vandaag hebben 10 ervan huisnummers 257 tot 275. De boerderij en het bakhuis stonden waar nu de nummers 265 tot 275 zijn. Het elfde huis met nr. 255, op de hoek met de Prins Boudewijnlaan, was een café: de Prins Boudewijn. Op dat café is op 25 februari 1945 een bom gevallen,[vi] waardoor het totaal werd vernietigd; vandaag is het perceel een groente- en bloementuin. Rechts van de voorgevel van nr. 257 zie je nog een restant van de voorgevel van nr. 255. In nummer 275 zal nog een tijdje een boer wonen, Staf Smets; die hield koeien in de wei ernaast[vii]. Wat verder links, op het terrein van Hotel Ter Elst, was ook een boerderij, maar die heeft geen spoor nagelaten.

Het centrum van Kattenbroeken


En nu komen we aan het centrum van Kattenbroeken, de twee boerderijen gesitueerd aan het vroegere einde van de Terelststraat, waar ook de Kattenbroekschen Kerkweg begint. We zullen ze voorlopig Hoeve Kattenbroek 1 perceelnummer (perceel C224) en Hoeve Kattenbroek 2 (perceel C224a/bis) noemen.
De geschiedenis van de twee hoeves is een beetje verstrengeld. In de eerste helft van de 19de eeuw waren de eigenaars en landbouwers Adriaan Van Linden en Anna Van Camp en zij woonden in Hoeve Kattenbroek 1. In dezelfde periode moet Hoeve Kattenbroek 2 eerder gediend hebben om het werkvolk te herbergen en was het geen boerderij. In 1835 deed de Edegemse familie Willems zijn intrede in de Hoeve Kattenbroek 1. Petrus Willems en Maria Catharina Opdebeeck en hun kinderen hebben een tijdje samen met de familie Van Linden de boerderij gehouden. In 1846 zijn de Van Lindens vertrokken naar Borgerhout en in die periode hebben ze hun eigendommen, de percelen C223-224-225, verkocht aan de adellijke familie Van Langendonck-Geelhand. In 1854 werd het gebouw achter Hoeve Kattenbroek 1 afgebroken en kwam er een boerderij in de plaats, Hoeve Kattenbroek 2 dus. Intussen was Petrus’ zoon en akkerman Henri Willems getrouwd met de Mortselse Elisabeth De Smeth en zij trokken rond 1857 in in Hoeve Kattenbroek 2. De twee gebouwen werden dus bewoond door de familie Willems. In 1860 overleed Petrus Willems en de familie van Henri verhuisde naar Hoeve Kattenbroek 1. Elisabeth De Smeth gaf een seintje aan haar broer Joannes Baptista De Smeth, die met vrouw Anna Maria Boxtens en dochter Catharina op 23 juni 1860 in Hoeve Kattenbroek 2 kwam wonen. Zij zullen er hun hele leven blijven wonen. Op 1 oktober 1863 vertrok de familie Willems-De Smeth naar Schilde en kwam Hoeve Kattenbroek 1 vrij, waarna de ene pachter de andere opvolgde.
Het eigenaarsschap van die percelen kwam in 1878, door verdeling van een erfenis, in handen van een andere adellijke familie: Mouriau de Meulenacker[viii].
Het tijdperk van de families Van Tongelen en Keersmaekers
Hugo Sebastianus Van Tongelen kwam op 6 juli 1887 van Langdorp naar Edegem om er als knecht te werken bij Jaak Van Put, die een grote boerderij had aan de Molenstraat, vandaag bekend als Bourgogne Wijnen (of ook Simonshoeve) tegenover Brasserie De Specht. En natuurlijk niet zo ver van de boerderij van Joannes Baptista De Smeth en Anna Maria Boxtens. En die hadden drie huwbare dochters, waaronder Maria Theresia De Smeth. Zij trouwde in 1894 met Hugo Sebastianus. Haar vader Joannes Baptista was voordien, in 1892, overleden aan de ‘verouderde maegziekte’. Hugo werd de pachter van de hoeve en vanaf dan kunnen we spreken van Hoeve Van Tongelen i.p.v. Hoeve Kattenbroek 2 (perceel 224a/bis).
In dezelfde periode verwierf de familie Van Tongelen het eigendom van de percelen C223-224-225[ix] tussen de Terelststraat en de Heihoefschen Kerkweg. Mogelijk heeft dat te maken met het overlijden van de toenmalige eigenaar Adolf Mouriau de Meulenacker[x] op 8 juni 1919[xi]. De Heihoefseweg werd door de bewoners overigens de Bovenweg genoemd, omdat die een paar meter hoger lag dan de Terelststraat[xii].

Op 16 april 1919 ruilden de toenmalige pachtersfamilie van Hoeve Kattenbroek 1, Petrus Joannes De Schutter en Maria Josepha Segers, de boerderij met die van de familie Jan Louis Keersmaekers en Maria Theresia Ruisseau aan de Pierstraat 90 in Kontich. Vanaf hier kunnen we Hoeve Kattenbroek 1 (perceel 224) hernoemen in Hoeve Keersmaekers; landbouwer Jan Louis Keersmaekers woonde er met zijn gezin. Hij overleed echter 2 jaar na aankomst; hij was 56 jaar.
Maar intussen had hij een belangrijke overeenkomst gesloten met de familie Van Tongelen: de percelen C223-224-225 werden verdeeld tussen de twee families: de zuidelijke percelen met hoeve onderaan en de noordelijke Bovenplak-percelen tegen de Heihoefseweg voor Keersmaekers[xiii] en het middendeel met de hoeve voor Van Tongelen. In 1927 en 1928 werd de Hoeve Keersmaekers opgesplitst in 4 huizen, de huizen die er vandaag nog staan. Maria Theresia Ruisseau bleef er wonen tot haar overlijden op 31 maart 1937.

Hugo Sebastianus Van Tongelen en Maria Theresia De Smeth kregen acht kinderen, waarvan drie dochters jong overleden. In de periode 1915 tot 1930 bereikten de vijf andere kinderen de huwbare leeftijd. Jan Louis Keersmaekers en Maria Theresia Ruisseau hadden 11 kinderen, 7 zonen en 4 dochters. Ook zij bereikten in die periode de huwbare leeftijd.
En toen gebeurden er wonderlijke zaken …
De families Van Tongelen en Keersmaekers versmelten
Er waren dus op aangrenzende percelen grond, met een gemeenschappelijk erf, twee boerenfamilies met veel kinderen van dezelfde leeftijd. Het is dan ook niet verwonderlijk dat ze verstrengeld raakten met een kruishuwelijk: Constant ‘Stan’ Van Tongelen trouwde in 1926 met Ludovica ‘Louisa’ Keersmaekers en Joseph ‘Jef’ Keersmaekers in 1927 met Clementina ‘Mans’ Van Tongelen. Maar er waren nog vrijgezellen in de buurt. Anna Keersmaekers had haar oog laten vallen op Karel Fincken, zoon van de fruitteler Josephus Melchior[xiv]. Zij woonden in de Drie Eikenstraat 274, naast Hoeve Simons. Karel werkte onder meer op het terrein recht tegenover de twee hoeves. En nog: Leonie Van Tongelen trouwde met een telg van een legendarische boerenfamilie: Cornelius Sebastianus Hellemans[xv].

En de verstrengeling stopt na deze generatie nog niet. Jef Keersmaekers’ zoon Rik zal trouwen met Germaine Simons van, jawel, Hoeve Simons, en zoon Gust met Josepha ‘José’ Janssens van de Dubbelhoeve op den Elsdonk[xvi]. Dochter Maria Louisa ‘Wiske’ Keersmaekers trouwde met een andere boerenzoon, Çois Dillen, één van de 14 kinderen van Marus Dillen en Jolle Peeters, pachters van Hoeve Ten Bosch (die bestaat nog altijd, maar bevindt zich midden in het UZA en ontplooit geen boerenactiviteiten meer; het is nu een opslagplaats en een parkeerplaats voor fietsen van UZA-studenten).
Van een verstrengeling gesproken, daar op het einde van de Terelststraat, in het centrum van Kattenbroek.
De 91-jarige Wiske Keersmaekers heeft nog veel herinneringen aan haar jeugd: “Wij werden ‘die van de Kattenbroeken’ genoemd op school, hé. Wij waren minderwaardig. Die school, de Zusters Annuntiaten in de Patronaatstraat, was een half uur te voet. Wij gebruikten de zandweg die bij ons op het erf uitkwam. Dat was een zelfgemaakte sluipweg door het veld die achter de huisjes aan de Terelststraat uitkwam op de Prins Boudewijnlaan.” (n.v.d.a.: Kattenbroekschen Kerkweg) “In een van die huizekes op nummer 275 woonde boer Smets, die zijn koeien niet kon binnenhouden. Die ontsnapten ’s nachts en stonden dan bij ons in de voorhof. Mijn vader heeft die dan met stokken terug zijn wei in moeten jagen.”[xvii]

Jef Keersmaekers bleef in Edegem en werd een tuinier; meer precies een boom- en rozenkweker. Jef woonde met Mans Van Tongelen in de Terelsstraat 374, waar ook Wiske geboren werd[xviii]. In de drie andere huizen met nummers 368, 370 en 372 woonden zijn broer Fons en zussen Anne en Louisa Keersmaekers met hun respectievelijke echtgenote(s) Paula Van den Bulcke, Charel Fincken en Stan Van Tongelen.
Jef startte met zijn zonen Gust en Rik het bedrijf Keersmaekers en zonen op. Het bedrijf zorgde voor de aanleg en de aanplanting van siertuinen en speelde in op de talrijke nieuwe woningen die werden aangelegd in de wijk Molenveld[xix]. De kwekerijen bevonden zich op de Bovenplak en op zuidelijke percelen links van de vier huizen en achter de Hoeve Van Tongelen.

Rik koos later voor de serreteelt en vertrok naar Kontich en Gust begon in Boechout een boomkwekerij; overigens niet helemaal naar de zin van Jef. Schoonbroer Stan Van Tongelen was ook een aannemer in tuintjes, maar werkte vooral in Mortsel[xx]. Toen Jef wat ouder werd, nam zijn oudste dochter Irma de rozen- en boomkwekerij over. Irma deed de kwekerij nog verder tot ongeveer 1983. Toen stopte ze om gezondheidsredenen. Dat betekende tegelijk het einde van het tuinbouwbedrijf dat Jef Keersmaekers had opgestart, zo’n 50 jaar eerder.
Irma Keersmaekers overleed later in 1996.



Hoe de Terelststraat bevolkt werd met de families Keersmaekers en Van Tongelen

De familie Keersmaekers woonde al in de vier huizen van de vroegere hoeve aan de Terelststraat 368 (ooit het woonhuis) tot en met 374 (ooit de schuur) [xxi].
Rik Keersmaekers bouwde in 1960 een huis in de Bovenplak op nummer 406. Later verhuisde hij naar Kontich. Irma Keersmaekers, die nog lang in het ouderlijke huis nr. 374 woonde, verhuisde in 1980 met haar hoogbejaarde ouders Jef en Mans naar een pas gebouwd huis, Terelststraat 404. Op nummer 402, ook nog op de Bovenplak, werd door familie Keersmaekers nooit gebouwd. De grond werd verkocht, waarna de nieuwe eigenaar bouwde.
De familie Van Tongelen was eigenaar van de middenpercelen. De grond werd verkaveld in zes delen. Er werden dan vanaf het begin van de jaren 60 zes woningen gebouwd voor de zes kinderen van Stan Van Tongelen en Louisa Keersmaekers. Die kregen de huisnummers 390 tot en met 400. De Terelststraat werd met een zandweg verlengd tot de Heihoefseweg en pas veel later geasfalteerd. Bij hun kinderen was er opnieuw een kruishuwelijk: de zussen Lea en Gusta Van Tongelen trouwden met de broers Pol en Flor De Cock, zonen van een Kontichse landbouwersfamilie.
Hoeve Van Tongelen

Hoeve Van Tongelen heeft veel langer bestaan dan Hoeve Keersmaekers. Hugo Sebastianus Van Tongelen overleed er in 1931. Zijn vrouw Maria Theresia De Smeth kreeg het gezelschap van haar dochter Maria Alphonsine ‘Mit’ Van Tongelen en haar man Evarist Lodewijks. Zij woonden er zeker tot na WO II. Later kocht Jef Keersmaekers de hoeve voor zijn broer Fons, getrouwd met Paula Vandenbulcke. Toen Fons overleed, bleef Paula er wonen. ,Tot ook zij overleed in het midden van de jaren 80. De hoeve en de gronden werden in 1987 verkocht aan de gebroeders Yves en Guy Houtmeyers en Hoeve Van Tongelen werd afgebroken in 1988. De grond werd verkaveld in 2 percelen en zij gingen er wonen. Hun huizen kregen als huisnummers 386 en 388 (’t Spaans villaatje). Maar ook hier is de verwantschap niet ver; Guy Houtmeyers vrouw Marina Peeters is een kleindochter van Mit Van Tongelen en Evarist Lodewijks. Zij verbleven dus op de plek waar haar groot- en voorouders woonden. Guy en Marina verhuisden naar Brasschaat en vandaag woont Edegems schepen Lawrence Vancraeyenest in het Spaanse villaatje.

Met andere woorden: alle huizen in de Terelststraat 368 tot en met 404 werden op een gegeven moment bewoond door twee flink verstrengelde families, Van Tongelen en Keersmaekers.
Toen Irma verhuisde naar nummer 404, kwam Linda Dillen, jaja, dochter van Wiske en kleindochter van Jef ‘vava’ Keersmaekers, met haar echtgenoot Albert Baeckens in het huis van Jef wonen. En zij wonen er vandaag nog! Ook in een ander huis van de kinderen Van Tongelen woont nog altijd familie: Pol De Cock, weduwnaar van Lea Van Tongelen, met een van hun dochters, Najma.
Bijzonder blijft toch wel dat er vandaag nog altijd rechtstreekse afstammelingen van Joannes Baptista De Smeth en Anna Maria Boxtens wonen in verschillende huizen op de oorspronkelijke percelen van de Terelststraat vanaf nummer 368. Dat zijn zes generaties die meer dan 160 jaar overspannen. Je kan zelfs zeggen dat de familie er nog een generatie langer woonde, want zuster Elisabeth De Smeths schoonvader, Petrus Willems, was er al pachter vanaf 1835. Bijna 200 jaar geleden dus. En zij hadden een eeuwenoude weg om naar de kerk te kunnen gaan: de Kattenbroekschen Kerkweg, die vertrok vanaf hun erf. En daarvan bestaat ook nog een heel klein stukje.
Of hoe het centrum van Kattenbroeken ook het centrum van de families Van Tongelen en Keersmaekers werd, en nog een beetje is …
Peter Crombecq, april 2026
Onderzoek door Albert Baeckens en Peter Crombecq
Met dank aan Wiske Keersmaekers, Pol De Cock, Erik Laforce en alle medewerkers van het Historisch Archief.
Dit verhaal is een bijdrage aan “Edegems verleden, bewaard voor de toekomst” van het Historisch Archief Edegem. Het Historisch Archief is toegewijd aan het behoud van het papieren en digitale geheugen van Edegem. Door het verzamelen, inventariseren en digitaliseren van documenten, boeken, foto’s, tijdschriften, plannen en meer, zorgt het Historisch Archief ervoor dat de geschiedenis van Edegem bewaard blijft voor toekomstige generaties.
Disclaimer
Het verhaal is gereconstrueerd op basis van een aantal bronnen. Ik ben me ervan bewust dat nieuwe informatie uit andere bronnen het verhaal kan aanvullen, nuanceren of aanleiding kan geven tot aangepaste inzichten.
Referenties
[i] Prof. dr. R. Van Passen, “Geschiedenis van Edegem”, (Edegem: Gemeentebestuur van Edegem,
1974), p. 789
[ii] Prof. dr. R. Van Passen, “Geschiedenis van Edegem”, o.c., p. 789
[iii] Prof. dr. R. Van Passen, bewerkt en aangevuld door Linda De Keuster, “Toponymie van Edegem”, (Edegem: Linda De Keuster, 2008), ingesloten kaart; te vinden in het Historisch Archief Edegem, BK0094.
[iv] Historisch Archief Edegem, “Tableau général des Communications vicinales”
[v] Geopunt, Atlas der Buurtwegen (1841)
[vi] Historisch Archief Edegem, Verwoeste gebouwen in Edegem 1940-1945
[vii] Interview met Wiske Keersmaekers op 5 februari 2026
[viii] Historisch Archief Edegem, Kadaster, artikel 166
[ix] Historisch Archief Edegem, Kadaster, artikel 424
[x] Historisch Archief Edegem, Kadaster, artikel 424
[xi] Interview met Wiske Keersmaekers op 5 februari 2026
[xii] Interview met Wiske Keersmaekers op 5 februari 2026
[xiii] Interview met Wiske Keersmaekers op 5 februari 2026
[xiv] Peter Crombecq, “Het Verwoeste Gewest in Edegem”, te raadplegen via https://www.historischarchiefedegem.be/post/het-verwoeste-gewest-in-edegem
[xv] Peter Crombecq, “Hellemans, een naam die in Edegem klinkt als een huis”, te raadplegen via https://www.historischarchiefedegem.be/post/hellemans-een-naam-die-in-edegem-klinkt-als-een-huis
[xvi] Peter Crombecq, “185 jaar Janssens in de Verbouwde Hoeve of Dubbelhoeve Janssens-Dom”, te raadplegen via https://www.historischarchiefedegem.be/post/185-jaar-janssens-in-de-verbouwde-hoeve-of-dubbelhoeve-janssens-dom
[xvii] Interview met Wiske Keersmaekers op 5 februari 2026
[xviii] Interview met Wiske Keersmaekers op 5 februari 2026
[xix] Pierre Hens & André Mens, “Edegem, dat boerendorp van toen … “, Boek 2, (Edegem: Davidsfonds, 2016), p. 63
[xx] Interview met Wiske Keersmaekers op 5 februari 2026
[xxi] Interview met Wiske Keersmaekers op 5 februari 2026




Opmerkingen